Schwangau

Schwangau
Schwangau is een kleine gemeente van net even meer dan 3100 inwoners in Zwaben in het zuiden van het bondsland Beieren. Schwangau ligt in de regio Allgäu in de uitlopers van de Alpen. De overweldigende natuur en de schitterende, sprookjesachtige burchten maken het gebied tot een geliefd vakantieoord. Schwangau ligt aan de Romantische Strasse. Tot de gemeente Schwangau behoren zeven dorpen en gehuchten. Op het gemeentegebied liggen de Alpsee, de Schwansee en de Bannwaldsee.

Archeologische vondsten op het gebied van Schwangau tonen aan dat het gemeentegebied al in de midden steentijd werd bewoond. In het jaar 15 v.Chr. veroverden Romeinse troepen onder Drusus en Tiberius het Alpenvorland tot aan de Donau. Het bergpad werd door keizer Claudius tot een vijf meter brede alpenweg vergroot, de Via Claudia Augusta. Bij de Tegelberg ontstond een Romeinse nederzetting. In de derde eeuw overvielen Germaanse stammen het gebied. De Germaanse stam van de Alemannen bevolkten rond het jaar 600 het gebied van Schwangau. Aan het begin van de kerstening werd in 746 de kerk van Waltenhofen gebouwd, de eerste op de rechteroever van de Lech. De eerste vermelding van Schwangau in een oorkonde uit 1090. De vermelding betrof de dubbelburcht Schwangau, waar tegenwoordig het slot Neuschwanstein staat. De dubbelburcht was de woonstee van het adellijke geslacht van de Welfen. Na 1191 valt het bezit toe aan de familie van de Hohenstaufen en na 1268 aan het Duitse Rijk. De beroemdste inwoner van Schwangau was ongetwijfeld de minstreel Hiltbolt von Schwangau (ca. 1190–1256). Van hem zijn 22 minnezangen overgeleverd. Door grote economische problemen zag een deel van de Schwangauer heren zich verplicht zijn bezit te verkopen aan de hertog van Beieren en vanaf 1440 was Schwangau onderhorig aan het hertogdom. In 1536 stierf het geslacht van Schwangau uit. In de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) werd Schwangau zwaar door de pest getroffen in de jaren 1635 en 1636. De bevolking werd sterk gedecimeerd. De burcht Hohenschwangau wisselde na de oorlog meerdere malen van eigenaar en tijdens de Napoleontische oorlogen van 1800 tot 1809 werd de burcht zwaar beschadigd en kon in 1820 alleen nog maar als ruïne verkocht worden. De ruïne werd tussen 1832 en 1836 in neogotische stijl herbouwd. Lodewijk II van Beieren liet op de plek van de dubbelburcht het slot Neuschwanstein oprichten. De bouw werd in 1886 voltooid. Kort voor 1900 kwam het toerisme in Schwangau op gang, er werden hotels en pensions gebouwd.] en in 1938 werd er een kuurpark ingericht. In 1926 verkreeg Schwangau het predicaat luchtkuuroord. Door de bouw van het stuwmeer Forggensee veranderde de structuur van de gemeente aanzienlijk, die een kwart van zijn grondgebied in het water zag verdwijnen.

Tot de belangrijke bezienswaardigheden behoort ongetwijfeld het beroemdste kasteel van Duitsland het slot Neuschwanstein, dat een eigen pagina op deze site heeft. Ook de andere burchten en kastelen, zoals slot Hohenschwangau en slot Bullachberg zijn een bezoek meer dan waard. De hoge Marienbrücke uit 1866 ligt direct achter slot Neuschwanstein en is gebouwd over de Pöllatkloof. De kerk St. Coloman is eveneens een beroemde verschijning in het Beierse landschap. De barokke kerk ligt buiten Schwangau in het vrije veld. De St. Maria en Floriankerk in Waltenhofen ligt tegenwoordig direct aan de oever van het stuwmeer.